Tel alle delen
Een verhouding van 2:3 betekent dat de eerste hoeveelheid twee gelijke delen heeft en de tweede drie. Samen zijn dat 2 + 3 = 5 delen.
Als het totaal 20 is, is elk deel 20 ÷ 5 = 4. De eerste hoeveelheid is 2 × 4 = 8. Het aandeel in het geheel is 2/5, want het geheel bestaat uit beide hoeveelheden.
Verdeel 35 in de verhouding 3:2
Verdeel 35 in de verhouding 3:2. De vijf delen zijn gelijk, dus één deel is 35 ÷ 5 = 7.
De eerste hoeveelheid is 3 × 7 = 21 en de tweede is 2 × 7 = 14. Controleer beide voorwaarden: 21 + 14 = 35 en 21:14 vereenvoudigt tot 3:2.
Gebruik een nieuwe verhouding
Verdeel nu 40 in de verhouding 3:5, van de eerste hoeveelheid tot de tweede. Bereken de eerste hoeveelheid.
Tel de delen van het geheel voordat je deelt. Het tweede getal in de verhouding telt de delen van de tweede hoeveelheid, niet alle delen samen.
Probeer het
Hoe groot is de eerste hoeveelheid als je 40 verdeelt in de verhouding 3:5?
- 15
- 24
Antwoord tonen
15
Juist. Er zijn 3 + 5 = 8 delen. Eén deel is 40 ÷ 8 = 5, dus de eerste hoeveelheid is 3 × 5 = 15.
Schakel JavaScript in om interactief te antwoorden en je plek in de les op te slaan.
Oefenen: Verhoudingen en gemiddelden